Zijn we hier bij Onze natuur nu helemaal op onze kop gevallen? Een klein kind kan je vertellen dat de roodborst winter én zomer bij ons vertoeft. En toch … voelen we ons verplicht om die illusie voor eens en voor altijd de wereld uit te helpen!

Want de roodborst die afgelopen zomer in onze bossen kwam broeden, houdt nu misschien wel heerlijk siësta onder de Spaanse zon. En het flukse vogeltje op je winterse voedertafel bracht zijn kroost wellicht groot in de bossen van Scandinavië

Waarom trekken roodborsten naar het zuiden?   

Het is op z’n zachtst gezegd vreemd te noemen dat onze zomerse roodborsten wegtrekken, terwijl de Scandinavische exemplaren bewijzen dat de soort wel degelijk bestand is tegen onze winterkou. Daarom migreren ook niet alle roodborsten naar het zuiden. Sommige blijven gewoon hier overwinteren, als dat hun beter uitkomt. 

Deeltrekkers

De roodborst is een typisch voorbeeld van een deeltrekker: een vogel met variabel trekgedrag. Andere deeltrekkers zijn o.a. de grauwe gans, de merel, de roerdomp, de spreeuw, de vink en de blauwe reiger. Of zo’n vogel naar het zuiden trekt of niet, hangt af van een samenspel aan omstandigheden. Hoe koud is het ‘s winters in de broedplaats? Is er voldoende voedsel aanwezig? Is de vogel in goede conditie? Dat zijn allemaal factoren die iedere vogel voor zichzelf in de weegschaal legt. 

Voor de Scandinavische roodborsten is de keuze snel gemaakt: bij hen wordt het ‘s winters zo koud dat ze wel moeten verhuizen richting zuiden. Mannetjes trekken minder ver naar het zuiden dan vrouwtjes, waarschijnlijk omdat ze in de lente zo snel mogelijk terug in hun broedgebied willen zijn om hun territorium te verdedigen. Roodborsten in Zuid-Europa gaan dan weer door het leven als standvogel: ze blijven winter en zomer in hun eigen territorium. 

Vrouwen en kinderen eerst – euh – laatst! 

Maar bij ons hangt het er allemaal een beetje van af. Ongeveer de helft van onze populatie, vooral vrouwtjes en jonge vogels, trekt zuidwaarts. Britse roodborsten, die in een gelijkaardig klimaat leven, migreren trouwens niet naar andere landen. Dat komt omdat er bij ons in verhouding veel minder gebieden zijn die geschikt zijn als broedgebied én als overwintergebied

Roodborst strekt vleugels uit, klaar voor de vogeltrek? Wanneer er ‘s winters een heleboel noordelijke vakantiegangers aankomen, willen die ook elk een plek voor zichzelf. En ze zijn bereid om daarvoor een flink (soms dodelijk) gevecht aan te gaan. Roodborsten staan niet voor niets bekend als de ‘agressiefste van alle zangvogels’! De vogels uit het noorden jagen onze inwoners dus letterlijk weg. Individuen die het minst sterk in hun schoenen staan – vrouwen en kinderen – moeten oprotten

De sterkere mannetjes zijn wél bereid om de strijd aan te gaan en hun zuurverdiende territorium te behouden. Een tocht naar het zuiden is immers niet zonder gevaar: veel roodborsten halen hun vakantiebestemming niet. Voor een vogeltje dat amper 17 gram weegt, zijn tochten tot 90 km per nacht allerminst een pretje. 

Welke roodborst huist in jouw tuin? 

Alleen als je tuin aan alle eisen op de checklist van de roodborst voldoet, blijft het vogeltje gedurende het ganse jaar ter plaatse. Het gaat dan om grote tuinen met veel beschutting van groenblijvende struiken en voldoende voeder in de winter. In onze bossen willen roodborsten meestal wel broeden, maar ze vinden er onvoldoende voedsel om ook de winter door te komen. Tenslotte zijn er de kleinere tuinen waar roodborsten ’s winters graag aan het vogelbuffet aanschuiven, maar waar ze hun kroost niet durven grootbrengen omdat er teveel beweging is.

Of er in jouw tuin een standvogel dan wel een Scandinavische inwijkeling huist, kan je nagaan door de kalender er even bij te nemen. Kwam jouw roodborst al in augustus je tuin onveilig maken, dan heb je zo goed als zeker te maken met een mannetje dat het jaarrond in België vertoeft. Maar kwam je wintergast pas aan nà half september, dan komt het vogeltje hoogstwaarschijnlijk uit het hoge noorden.