Ga naar main content
vilda-86770-vliegende-gierzwaluw-yves-adams-800-px-47381.jpg

‘Vogel zonder poten’ giert door de stad

Dat de gierzwaluw een geval apart is, kunnen we moeilijk ontkennen. Hij eet, slaapt en paart tijdens het vliegen en landt haast nooit. Alleen om te broeden, zoekt hij tijdelijk wat stabiliteit op - vooral in oude stadsdelen.

Gierzwaluw is neef van kolibrie

Hoewel de gierzwaluw met z’n gevorkte staart sterk lijkt op de huiszwaluw, de boerenzwaluw en de oeverzwaluw, zijn de vogels niet eens verre familie van elkaar. De gierzwaluw heeft meer gemeen met de kolibries, ook al zo’n notoire luchtacrobaten. Beide vogelfamilies behoren tot de orde van de gierzwaluwachtigen of Apodiformes, letterlijk vertaald ‘vogels zonder poten’

Ook de wetenschappelijke naam van de gierzwaluw (Apus apus) verwijst naar het ontbreken van poten, al zijn we er al heel lang geleden achtergekomen dat dat niet helemaal juist is. Hoewel je de gierzwaluw ze amper ziet gebruiken, is hij wel degelijk uitgerust met een kort paar poten

Hoe leef je ‘zonder poten’?

Eigenlijk heeft de gierzwaluw zijn poten enkel nodig om zich vast te houden aan muren of andere verticale oppervlakken. Op de grond zul je hem haast nooit aantreffen, want hij is niet in staat om vlot te lopen of zelfs maar rechtop te staan. Starten met vliegen doen ze liefst door zich in de vlucht te laten ‘vallen’ vanop een hoogte.

Eens in de lucht, blijft de gierzwaluw daar liefst zo lang mogelijk. In de periode dat ze niet aan het broeden zijn, brengen ze 10 maanden bijna uitsluitend al vliegend door. Sommige individuen landen zelfs geen enkele keer in al die tijd! 

De gierzwaluw heeft dan ook al zijn gedrag aangepast aan een leven in de lucht. Eten pikt hij onderweg op, hij heeft een lidkaart van de Mile High Club die nooit vervalt en om te slapen schakelt hij afwisselend één hersenhelft uit terwijl de andere op automatische piloot verder vliegt. Ook het nestmateriaal wordt rechtstreeks uit de lucht geplukt.

Drie maanden de tijd om gierzwaluwen te spotten

In de volksmond wordt de gierzwaluw ook wel de ‘honderd-dagen-vogel’ genoemd, omdat hij maar 3 maanden bij ons rondwaart. Hij vliegt vanuit zijn overwinteringsgebied in Zuid-Afrika rechtstreeks naar zijn vaste stek in onze steden. Daar gebruikt hij jaar na jaar hetzelfde nest in spleten van oude gebouwen of speciaal daarvoor opgehangen nestkasten. Na het uitvliegen van de jongen vertrekt hij meteen weer naar het zuiden. 

Ook de jongen van het vorige jaar doen mee aan de zomertrek. Je kan hen als baldadige pubers zien rondvliegen in de stad. Ze zien eruit als vliegende ankertjes met hun vleugels in een kenmerkende sikkelvorm. Ze maken een typisch klapperend geluid met hun snelle vleugelslagen, doorspekt met schril geschreeuw. 

Woon je in een grote stad? Dan is nú het ideale moment om gierzwaluwen te gaan spotten! Het Steen in Antwerpen is bijvoorbeeld erg in trek bij deze vliegkunstenaars.

Wil je de gierzwaluw helpen? Hang dan een speciale nestkast op, want geschikte nestplaatsen worden steeds zeldzamer. Wanneer ze jongen hebben, vangen deze vogels tienduizenden insecten per dag. Zo houden ze je omgeving leefbaar! 

Meer over


Gerelateerde artikels