Ga naar main content
wintertwijgen van de rode kornoelje
wintertwijgen van de rode kornoelje

Rode kornoelje, een boom van goudwaarde in je tuin

Cornus sanguinea zegt je misschien niet meteen iets, maar wacht tot je zijn bloedrode wintertwijgen ziet! De rode kornoelje brengt vier seizoenen lang kleur én leven in de brouwerij. Benieuwd waarom deze prachtige plant ook een plaatsje in jouw tuin verdient? 

In de wintermaanden kan je niet naast de rode kornoelje kijken. Deze struik, die tot de familie van de kornoeljes (Cornaceae) behoort, groeit uit tot een meerstammige boom met groene bladeren en donkerrode twijgen. Tijdens de bloeiperiode (mei-juni) vallen de roomwitte bloemen meteen op in een groen landschap. Zowel in struikgewas als langs bosranden tref je deze mooie verschijning aan, maar wist je dat rode kornoelje ook van goudwaarde is in tuinen en parken? 

  • De rode twijgen geven je tuin in de winter extra veel kleur
  • Het dichte takkengestel vormt de perfecte schuilplaats voor merels, roodborstjes en winterkoningen
  • De witte bloemen trekken veel zweefvliegen, honingbijen, wilde bijen, hommels en vlinders aan (die op hun beurt veel tuinvogels lokken)
  • Merels, zanglijsters en houtduiven zijn dol op de ronde, blauwzwarte vruchten (en helpen de rode kornoelje zo voortplanten)

Wist je dat ...

De rode kornoelje komt spontaan voor in hagen of langs bosranden. In de 19e eeuw waren de afgevallen herfstbladeren van de rode kornoelje trouwens een veel gebruikte meststof die landbouwers over hun akkers strooiden. Het is ook opvallend hoe er in de buurt van molens vaak veel meer rode kornoeljes groeiden. De reden is simpel: van het hout werden vroeger kleine molenonderdelen vervaardigt.

Herken de rode kornoelje

Herken de rode kornoelje

Hoogte: gemiddeld 3 à 4 meter hoog, aangeplant wordt de rode kornoelje vaak korter gesnoeid

Blad: eivormig met gave bladrand, makkelijk te herkennen aan de rondlopende nerven

Bloeiwijze: schermvormige witte, kleine bloemen, in mei en juni met soms een tweede bloeiperiode in het najaar (tegelijk met de vruchten)

Vrucht: blauwzwarte, besachtige steenvruchten met een bittere smaak

Schors: bruingrijs; vrij glad tot licht schilferend, bloedrode behaarde wintertwijgen ​

Meer over


Gerelateerde artikels