Natuurpunt meldde een indrukwekkend fenomeen aan Onze Natuur: paddenregen. Maar wat is dat nu juist? Vallen er dan padden uit de lucht? Wanneer kunnen we dit zien? Dominique Verbelen van Natuurpunt Studie geeft een antwoord op al deze vragen. (Foto: Johan Sys)

Deze week viel er voor het eerst sinds lang nog eens regen. Dat was meer dan nodig. Op heel wat plaatsen staat het grondwater immers veel lager dan normaal. Of 2019 even droog wordt als 2018 is nu nog niet duidelijk maar de natuur snakt ook dit jaar naar water. De regen van dinsdagavond zorgde alvast voor een indrukwekkend natuurfenomeen: paddenregen.

Minikikkertjes en -padjes

Op heel wat plaatsen werden, kort na het buienfront, honderden tot duizenden mini-kikkertjes en padjes gemeld. Na een lange periode van droogte komen die uit hun poelen en dan is het op sommige plaatsen echt opletten: straten, terrasjes bij een tuinvijver of hooilanden rond de voortplantingspoelen kunnen op zulke momenten echt zwart zien van de amfibietjes. Omdat dit fenomeen zich vaak voordoet op een regenachtige avond, staat dit ook wel bekend als ‘paddenregen’.

Spektakel 

De kans dat dit spektakel zich ook vanavond (en de komende) avonden zal voordoen, lijkt reëel, zeker als het opnieuw gaat regenen. Mocht je zelf getuige zijn van dit wonderlijk gebeuren, wees dan heel erg voorzichtig zodat je geen kleintjes vertrappelt, want klein zijn ze echt wel: nauwelijks groter dan de nagel van je pink. De kleintjes hebben geen hulp nodig. Ze zijn op weg en op zoek naar een geschikt stukje natuur in de buurt, om er de zomer aan land door te brengen. Ze kunnen dat perfect op eigen kracht dus je hoeft hen daarbij niet te helpen.

Voortplanting

Gewone padden en bruine kikkers verzamelen eind februari, begin maart op vaste paarplaatsen. De geslachtsrijpe mannetjes vormen dan in het water paarkoren en trachten vooral ’s avonds en ’s nachts door hun zacht geluid wijfjes te lokken. De voortplantingstijd loopt gemiddeld van half maart tot eind april. Een vrouwtje gewone pad zet 2.000 tot 6.000 eitjes af in een drie tot vier meter lang dubbel eisnoer dat rond waterplanten, rietstengels of in het water drijvende takken wordt gewonden. Een vrouwtje bruine kikker zet één (heel soms twee) eiklompen af (beter bekend als kikkerdril). Afhankelijk van de grootte van het vrouwtje bevat zo’n eiklomp van een bruine kikker 700 tot 4.500 eitjes.

Klaar om aan land te gaan

Begin juni zijn de dikkopjes volledig gemetamorfoseerd en verlaten ze de poel om de rest van het jaar aan land door te brengen. Omdat de bruine kikkers en gewone padden na hun winterslaap bijna allemaal op hetzelfde moment naar de poelen trekken om er eitjes af te zetten, komen die eitjes (na 10 tot 14 dagen) ook bijna allemaal op hetzelfde moment uit. De dikkopjes blijven dan nog enkele weken in de poel om er te metamorfoseren. Van zodra ze klaar zijn om aan land te gaan, is het nog even wachten op een geschikt moment. Misschien wel vanavond. Geniet ervan!

Foto: Johan Sys