Van dieren wordt vaak gezegd dat ze handelen volgens hun ‘instinct’. Maar ook zij leren van kleins af aan nieuwe dingen. Niet op school, wel van hun soortgenoten én van hun omgeving. De eerste en belangrijkste les: wie kan je vertrouwen en wie niet? 

Stel je voor: als piepjong eendenkuiken heb je net keihard gewerkt om uit het ei te geraken. Uitgeput kom je terecht in de grote wijde wereld, zonder enig besef van wie of wat je bent. Plots zie je iets bewegen: dat moet wel je moeder zijn. Instinctief weet je dat zij voor je zal zorgen.  

Inprenting

leren door inprentingHet verhaal hierboven is typisch voor nestvlieders, vogels die meteen bij het uitkomen al zelfstandig kunnen eten en bewegen. Men zegt wel eens dat ze zich richten op het eerste dat ze zien bewegen, maar de werkelijkheid is iets ingewikkelder. Want ‘inprenting’ kan alleen plaatsvinden tijdens een specifiek tijdsvenster: voor eenden tussen de 8 en de 20u na het uitkomen. 

Die kritieke periode is heel strikt. Een eend die in die tijd geen soortgenoot zag, zal voor eeuwig met een identiteitscrisis kampen. En eenmaal een kuiken op een andere soort ingeprent raakt, is het proces nooit meer omkeerbaar. Denk maar aan Konrad Lorenz, de Oostenrijkse onderzoeker die succesvol een nest grauwe ganzen adopteerde (beelden van hem met zijn ‘kroost’ kan je hier bekijken). 

Spelenderwijs

Leren door spelBij nestblijvers is het meteen duidelijk wie de zorgende rol opneemt: moeder en kind blijven geruime tijd samen. Een belangrijke manier waarop zoogdieren leren (en ook enkele vogelsoorten), is via spel. Jonge roofdieren spelen bijvoorbeeld een soort van ‘tikkertje’ om hun jachtskills te oefenen. Ze achtervolgen, besluipen en bespringen elkaar, net zoals ze dat later met een prooi zullen doen. Soms brengen de ouderdieren een verzwakt dier mee, als praktijkles voor hun jongen. 

Imitatie

We zien ook dat dieren interessant gedrag van elkaar kopiëren, bijvoorbeeld de geluiden die ze maken. Net zoals mensenbaby’s leren praten door steeds samenhangender te brabbelen, kunnen o.a. zangvogels, dolfijnen, zeehonden en zelfs vleermuizen geluiden leren imiteren. Soms zelfs van een andere soort! 

ImitatiegedragMaar ook complexer gedrag wordt in de dierenwereld vaak afgekeken van anderen. Een rode eekhoorn die observeert hoe een andere eekhoorn een noot kraakt, wordt er zelf beter in. 

 

Verbanden leggen

Leren door verbanden Tenslotte leggen dieren, net als mensen, verbanden. Wie ooit ziek werd na het eten van een portie mosselen, weet wel wat we bedoelen. Op die manier leren vogels bijvoorbeeld welke rupsen giftig zijn of wanneer regenwormen zich het vaakst laten vangen.